Miljoenen mensen in de Verenigde Staten kampen met opioïdengebruiksstoornis (OUD), een aandoening waarbij het lichaam zich aanpast aan de aanwezigheid van opioïden en deze normaal moet laten functioneren. Deze afhankelijkheid maakt het stoppen van het gebruik van opioïden ongelooflijk moeilijk, zoals blijkt uit het feit dat in 2023 ongeveer negen miljoen Amerikanen opioïden misbruikten, goed voor meer dan 70% van de sterfgevallen door overdoses. Ondanks dat er effectieve behandelingen bestaan, blijven veel behandelingen ongebruikt: slechts een kwart van degenen die OUD-medicatie nodig hebben, krijgt deze, terwijl nog eens 30% uitsluitend afhankelijk is van niet-medicamenteuze therapieën.
De eerste stap op weg naar herstel is het zoeken naar hulp van een zorgverlener die de situatie kan beoordelen en een veilig behandelplan kan aanbevelen. Opties omvatten medicatieondersteunde behandeling (MAT), counseling en gedragstherapieën, waarbij MAT de meest effectieve aanpak is. Aanvullende middelen zoals peer-supportgroepen (bijvoorbeeld Narcotics Anonymous) en hulp bij onderwijs of werk kunnen ook helpen bij herstel op de lange termijn.
Medicatieondersteunde behandeling: de kernstrategie
Het is bewezen dat verschillende medicijnen opioïdeverslaving behandelen door ontwenningsverschijnselen en onbedwingbare trek te verminderen.
Opioïdereceptoragonisten: Methadon en buprenorfine activeren de opioïdereceptoren in de hersenen gedeeltelijk of volledig, waardoor de hunkering wordt verminderd zonder euforie te veroorzaken. Uit onderzoek blijkt dat personen die methadon of buprenorfine gebruiken minder kans hebben op een overdosis.
- Buprenorfine hecht zich volgens dr. Sarah Leitz “stevig aan de opioïdereceptoren, waardoor het voor andere opioïden moeilijker wordt om effect te sorteren.”
*Methadon activeert weliswaar de receptoren volledig, maar het duurt langer voordat de symptomen optreden, waardoor geleidelijke verlichting zonder euforie ontstaat.
Beide vereisen inschrijving in een behandelprogramma vanwege hun potentieel voor misbruik. Methadon is alleen verkrijgbaar via erkende opioïdenbehandelingsprogramma’s, terwijl buprenorfine verkrijgbaar is via klinieken of kantoorbehandelingen. Bijwerkingen zijn onder meer hoofdpijn, misselijkheid en ontwenningsverschijnselen als er abrupt mee wordt gestopt. Langdurig gebruik wordt aanbevolen, maar bij veel gevallen treedt een terugval op binnen één tot twee jaar na het stoppen van de behandeling.
Opioïde antagonisten: Naltrexon blokkeert de opioïdereceptoren volledig, waardoor plezierige effecten worden voorkomen en de hunkering wordt verminderd. In tegenstelling tot agonisten vermindert het de ontwenningsverschijnselen niet. Toegediend als dagelijkse pil of maandelijkse injectie, kan naltrexon het beste worden gestart na 7-14 dagen onthouding van opioïden.
Centraal werkende alfa-2-adrenerge agonisten: Lofexidine vermindert tijdelijk ontwenningsverschijnselen zoals misselijkheid en spierspasmen, maar alleen bij kortdurend gebruik (tot 14 dagen).
Naast medicatie: holistische benaderingen
Hoewel MAT cruciaal is, is het niet de enige oplossing.
Rehabilitatieprogramma’s: Residentiële therapeutische gemeenschappen bieden herstelprogramma’s voor inwonende mensen, waarbij onderwijs en begeleiding wordt geboden. De uitvalpercentages zijn echter hoog en er is meer onderzoek nodig om de werkzaamheid ervan op de lange termijn te bevestigen.
Pijnbestrijding: Chronische pijn komt vaak samen met OUD voor, waardoor pijnverlichting een uitdaging is. Opioïden kunnen een terugval veroorzaken, dus niet-opioïde alternatieven (antidepressiva, spierverslappers, fysiotherapie) hebben de voorkeur voor langdurig pijnbeheer.
Behandeling in de geestelijke gezondheidszorg: Psychologische factoren spelen een belangrijke rol bij OUD.
- Cognitieve gedragstherapie (CGT) helpt patiënten denkpatronen te identificeren en aan te passen die tot opioïdenmisbruik leiden.
- Counseling (individueel, in groep of als gezin) biedt ondersteuning, het stellen van doelen en coping-strategieën.
Terugval en overdosis voorkomen
Het voortijdig stoppen van de behandeling verhoogt het terugvalrisico. Dr. Leitz waarschuwt dat het terugkeren naar opioïdengebruik na een periode van onthouding fataal kan zijn als gevolg van verminderde tolerantie. Individuen moeten altijd naloxon (Narcan) bij zich hebben en het gebruik ervan alleen vermijden.
“Als iemand weer middelen gaat gebruiken, met name fentanyl of heroïne, kan hij proberen dezelfde hoeveelheid te gebruiken als voorheen. Deze dosering is echter vaak veel te hoog voor zijn of haar tolerantieniveau op dat moment.”
Conclusie
De behandeling van opioïdenverslaving vereist een veelzijdige aanpak waarbij medicatie, therapie en schadebeperkingsstrategieën worden gecombineerd. Een langdurige inzet voor behandeling, naast toegang tot ondersteuningssystemen en terugvalpreventiemaatregelen, is essentieel voor duurzaam herstel. Het negeren van de urgentie van deze crisis leidt tot onnodig lijden en vermijdbare sterfgevallen.
